Gemaakt voor lokale woningenZurenborg is tussen 1894 en 1906 gebouwd door één bouwmaatschappij, en die liet haar architecten alles proberen: neogotiek, neorenaissance, art nouveau en Vlaamse neorenaissance staan in de Cogels-Osylei, de Transvaalstraat en de Waterloostraat naast elkaar, met sgraffito, torentjes en huisnamen als De Zonnebloem en De Morgenster in de gevel. Achter die gevels zijn het bijna allemaal burgerhuizen met hetzelfde plan: een gang met tegels, een enfilade van voorkamer, salon en eetkamer met tussendeuren, een keuken achteraan met een koer, een kelderverdieping en twee of drie verdiepingen slaapkamers. Rond de Dageraadplaats en in de straten richting Berchem staan de eenvoudiger versies, vaak nog als eengezinswoning bewoond; aan de Cogels-Osylei en rond de Draakplaats zijn veel herenhuizen per verdieping opgesplitst. Omdat Zurenborg sinds 1984 beschermd stadsgezicht is, zijn de interieurs opvallend gaaf: plafonds van vier meter, marmeren schouwen, glasramen, parket in visgraat. Op foto's is de enfilade tegelijk de troef en het probleem. De voorkamer heeft het licht van de erker, de eetkamer achteraan het licht van de koer, maar de salon in het midden hangt ertussen en oogt donker en zonder functie, zeker als er een bureau en een strijkplank staan. Verdiepingen die uit verhuur komen, staan met een kotinrichting voor een schouw die de vraagprijs draagt. Digitaal opruimen geeft de drie kamers hun lijn terug; daarna richt je de voorkamer als salon in, de middenkamer laag en licht als eetplek of bibliotheek, en de achterkamer met de tafel naar de koer. Stucwerk, schouw en glasramen veranderen niet.
Waarom het werkt in ZurenborgZurenborg is de buurt waar Antwerpse gezinnen naartoe verhuizen zodra het kan, en waar ze dan blijven: de Dageraadplaats als dorpsplein met terrassen en school, de Draakplaats met tram en café, Berchem-station op vijf minuten voor wie in Brussel werkt. Kopers zijn gezinnen met jonge kinderen die van een appartement in het centrum komen, academici en artsen van de universiteit en de ziekenhuizen, en Nederlanders die het belle-époquehuis hier voor de prijs van een Utrechtse rijwoning vinden. Het aanbod is per definitie klein: de wijk is af, er wordt niet bijgebouwd, en wie verkoopt, doet dat meestal na twintig jaar of bij een nalatenschap. Dat betekent dat wat op Immoweb komt, vaak vol staat of gedateerd is, en tegelijk dat kandidaat-kopers al weken op een zoekopdracht wachten en het zoekertje dezelfde avond bekijken. De prijs per vierkante meter behoort tot de hoogste van Antwerpen, en het EPC-label van een huis uit 1900 met enkel glas achter beschermde ramen is zelden beter dan E; kopers weten dat en zoeken op de foto's naar wat het huis vandaag biedt. Een enfilade die open en ingericht oogt, een kelderverdieping die een speelkamer laat zien in plaats van opslag, en een koer met tafel vertellen het gezinsleven dat de koper hier wil kopen. Een fotorij van drie losse donkere kamers doet dat niet, ook al is het hetzelfde huis. De deelbare woningpagina met de originelen ernaast geeft de Nederlandse koper wat hij nodig heeft om het plaatsbezoek in te plannen.
Stijlen die verkopen in ZurenborgLuxe met respect voor het huis: fluweel, warm hout en een groot kleed onder een hoog stucplafond, zonder de sgraffito en de schouw te overstemmen. Voor de kleinere burgerhuizen rond de Dageraadplaats past Scandinavisch, licht en laag, zodat de enfilade open blijft.